dinsdag 25 september 2007

Familie bezoek (gastcolumns)

Wij (Oma en tante Margreet) zijn in Suriname, om te mogen meegenieten van de avonturen in Suriname.Met een vertraging bij vertrek van bijna een uur i.v.m een passagier die er nog niet was (voorproefje Suriname???) zijn wij vertrokken vanaf Schiphol. Het is ons enorm meegevallen, die 9 uur ze zijn “omgevlogen”
Met een leuke conversatie met Tineke, onze mede passagier, wier kinderen bij de Nederlandse Ambassade werken, zouden ze elkaar kennen?, onze zus en zwager en haar kinderen
Het wachten op de koffers in Paramaribo duurde enorm Lang. Achter een grote gazen afrastering, heel anders dan Schiphol troffen wij zes blonde kopjes, behoorlijk gebruind.
Na een rit van bijna een uur vanuit Zanderij (J.A. Pengel airport), (ik weet nu waarom de oudere Surinamers het zanderij noemen, in the middle of nowere hebben ze een vliegveld aangelegd), achter een stroom van 400 auto’s via Lelydorp dwars door de polder naar ons verblijf voor de komende 20 dagen.
Inmiddels was het donker, 25 graden en beetje regenachtig, prima om te wennen.
We genoten van onze eerste Suri maaltijd, frites met broodje kip of vis. Na het uitpakken van de cadeau's , de kinderen kunnen nu DVD’s bekijken met geluid.
Zondag De eerste kennismaking met Paramaribo en de Surinaamse cultuur was in de Hervormde Gemeente van de stad. Op naar de koffie met gebak, voor onze biologische klok was het al lang lunchtijd geweest, in de tearoom van hotel Torarica.
Langs de gekende bloemenstalletjes naar de palmentuin, de achtertuin van het presidentieel paleis naar Fort Zeelandia aan de Suriname rivier, die daar wel een kilometer breed is.
De middag hebben we doorgebracht in club Oase een zwembad met sportactiviteiten en een heerlijke Saoto soep ’s avond de eerste echte Surinaamse Roti
Maandag hebben we de winkels in Paramaribo verkend, en heeft Liedeke haar eerste gouden ringetje gekregen van Oma, als een aandenken aan Suriname, gekocht bij Max Chin a chen, in de Steenbakkerijstraat. Ton kende hem via het Malaria project.
Daarna naar Kirpalani in de Domineestraat, waar we kennis maakten met de bureaucratie van Suriname, de slippers van Oma waren afgeprijsd, maar via de scanner niet, voordat het uiteindelijk voor de goede prijs afgerekend kon worden, kwamen er vier mensen aan te pas en de nodige stempels. Er zit trouwens ook gewoon een Blokker in de Domineestraat, alsof je thuis bent.
Dinsdag naar de markt in de Saramaccastraat en de Jeruzalem Bazar, voor pangdi stof, voor 3.95 SRD per meter, dat is nog ongeveer 1. Daarna naar de kleermaker, die voor 30 SRD, nog geen 8 € een broek maakt.
Woensdag naar Botopasi
Botopasi ligt aan de Surinamerivier en telt 2000 inwoners (Saramaccaners). Het dorp heeft een klein schooltje en een kerk. Buiten het dorp is er oerwoud. Hun voorouders ontvluchtten ooit de wrede slavernij op de plantages. Het gebied is arm en biedt niet veel meer dan eten en drinken en een dak boven hun hoofd. Slechts enkelen in het dorp spreken Nederlands.
Wij vlogen er heen met een charter van Gum air de “Islander”, waar 8 of 9 personen in kunnen. Maximaal mochten we inclusief bagage 700 kg wegen, wegen dus.
Waarbij Margreet wel wat gewicht in de schaal bracht, gelukkig,dankzij de kinderen, hadden we 200 kg over. We vertrokken vanaf het vliegveld Zorg en Hoop, om na een vluchtje van 50 minuten te landen op Botopasi airport, wat u zich moet voorstellen als een hobbelig voetbalveldje met als “aankomst en vertrekhal”een houten hutje met een dak van bladeren en een paar schragen en getimmerde banken.Daar staan de locale mensen al klaar om je bagage te dragen. Na een wandelingetje van vijf minuten naar de waterkant van Botopasi.
Hotel Botopassie is een ecoproject dat ligt aan de overkant in een bocht van de Suriname rivier. Het beschikt over 7 kamers met ieder een 1-2 persoonsbed. Op de begane grond bevindt zich een gezellige lounge en bar. Boven is er een grote veranda met zitjes, hangmatten en waar ook de maaltijden worden geserveerd. Vanuit hier heb je een overweldigend uitzicht over de rivier en de sula (stroomversnelling) Het is gewoon ontroerend hoe mooi, stil en rustig het daar is, De plek om te onthaasten ( No spang)
Wij hebben klokken en horloges maar in Suriname en vooral in Botopasi hebben ze de tijd.
Dit hele ecoproject staat onder de Nederlandse leiding van Corrie Vonk, die samen met haar (boots)-man Haidy Eduards zorgt voor de werkgelegenheid in Botopasi.
Donderdag een boottochtje in een korjaal naar Kambaloea, al het vervoer gaat daar met de korjaal, een soort uitgeholde boomstam of een gebouwde boot van dat model, weliswaar met een buitenboord motor. Die bootsmannen kennen elke steen en zandberg.
Kambaloea is nog een traditioneel dorp, waarbij bij het betreden de vrouwen rechts en de mannen links moeten lopen.Hier hebben we kunnen zien hoe de dorpsbewoners wonen en leven
Vrijdag hebben we een wandeling gemaakt door het oerwoud van het Amazone gebied, voor ons Bakra’s (witte geesten) een hele tocht. Botopasi is ook te bereiken via bus en boot. Elke dag, behalve zondag, vertrekken er vanuit de Saramaccastraat DAF trucks en kleinere 8 persoons busjes voor een rit van 5 uur via de “hobbel de bobbel”wegen naar Atjoni, dit kost 60 SRD enkele reis. Dan nog een boottocht van ongeveer 2-3 uur afhankelijk van de waterstand. Hotel Botopassie is een stichting die zich inzet voor de mensen van Botopasi en de omgeving voor blijvend betere leefomstandigheden.
Zaterdagochtend nog een boottochtje naar Piking slee, waarna we om 14.00 terug zouden vliegen naar Paramaribo. Volgens de piloot van Gum air, zijn er in Suriname 2 dingen op tijd, de jaarwisseling en Gum air. Wij hebben bijna een uur moeten wachten.
Onze 2e zondag in Suriname zijn we begonnen in de Nederlands Hervormde Kerk, het voordeel van de Surinaamse kerk is dat ze vroeg beginnen, anders is het ook veel te warm
Deze kerk is een mooi houten achtkantig gebouw, met alle ramen en deuren open
Daarna opnieuw naar de tearoom van hotel Torarica, niet om onze biologische klok, zoals vorige week, maar gewoon om lekker te snoepen. ’s Middags hebben we gezwommen in een gewoon Surinaams zwembad, omdat Oase aan het verbouwen is.Wel even wat anders dan Oase, keiharde Suri muziek, en van alles te eten, waarvan je volgens ons beter maar geen gebruik van kan maken.Zondagavond hebben oma en ik op de kids gepast, en gingen Lydia en Ton eten bij mensen van de ambassade.
Maandag stond helemaal in het teken van het voor het eerst naar school gaan van de kinderen, spannend !!!Zij waren de enige bakra’s ( blanken)in de hele school. En ook Jenske van 2 ½ ging voor het eerst naar de peuterspeelzaal. Papa en mama gingen “werken”. Oma en ik maakten opnieuw Paramaribo onveilig, om doodmoe met de taxi terug te gaan. Eerst onderhandelen natuurlijk.
Dinsdag : de ochtend was een hele klusjes ochtend Op zoek naar ansichtkaarten, niet overal te koop en ook een brievenbus op ieder hoek van de straat kennen ze niet. Ook naar de centrale administratie van de peuterspeelzaal voor de betaling van de opvang van Jenske. Daarna opzoek naar keurslagerij Stolk. Een slager volgens Nederlandse normen. Waar vlees voor een maaltijd even duur is als een maaltijd halen, dan is de keuze snel gemaakt. Er wordt dus niet zo vaak meer zelf gekookt.
Woensdag: De kinderen zouden naar school gebracht met de auto, omdat lopen te gevaarlijk is. Echter de auto weigerde, dan maar snel een taxi gebeld, de overbuurvrouw die Juf van Tobias is, zou meerijden, zij was in haar hele loopbaan nog nooit met de taxi naar school gegaan. De reddende engel Robbie gebeld, de V-snaar wat strakker gezet en de andere dag vervangen. De auto rijdt weer, nog een paar maanden volhouden.Wij, Lydia, oma en ik zouden zouden naar de markt aan de Kwattaweg, met de taxi dus.Wij keken daar onze ogen uit, groenten en fruit, aangebracht door de boeren uit de omgeving.Kippen vis en krab, levend en geslacht.Met achter in een hele hal, waar van alles te eten werd aangeboden, o.a. Javaans, Hindoestaan en Surinaams, ik herkende een aantal Indonesische dingen, die hier wel anders heten.. ’s Middags gingen we zwemmen in een andere club, “Witte lotus”
Donderdag: Alle kids naar school, Jenske naar de peuterspeelzaal, pa en ma “werken”en oma en ik een ochtend naar Paramaribo op cadeautjes jacht voor thuis.Een taxi gevraagd bij hotel Krasnapolsky, de chauffeur zag ons bakra’s voor vol aan, voeg het dubbele van wat we normaal betaalden ( 30 SRD).Blijkt nu dat je beter een taxi kan laten bellen uit de regio, iedere winkel hoort dat voor je te doen. Op nieuw een kennismaking met andere gewoonten.
Vrijdag: Hebben Lydia en ik een Surinaamse notaris bezocht voor wat formaliteiten.
Een ervaring op zich, de automatisering moet hier nog doordringen, de prijzen waren ook Surinaams, voor 36 SRD ongeveer 9 euro was het notaris kantoor voor ons bezig.
Zaterdag: Ton had 2 bootjes gehuurd, waar we een hele dag mee hebben gevaren met nog vijf andere “gezinnen en gasten, bij de hem al bekende Chris, een Hindoestaan. Wij zijn vertrokken vanaf Meerzorg, aan de overkant van de immense Surinamebrug. De auto’s konden we stallen op het erf bij de bootsman Chris, op een andere plaats zou je ze daar niet met een gerust hart achterlaten.
Tijdens de week worden deze bootjes als veerpont gebruikt, tussen Paramaribo en Meerzorg.
Wij hebben gevaren op de Suriname rivier naar Braamspunt, het eind van Suriname waar de oceaan begint. De hele club heeft daar gezwommen in een redelijk sterke stroming.
Oma en ik zijn in de boot gebleven, want er weer in klimmen vanuit het water was een hele toer.
Zondag: Onze laatste zondag in Suriname zijn we gestart in de EBG kerk, dat is de kerk van de Evangelische broedergemeenschap. Wij gingen naar de Noorderstadskerk in de Henck Arronstraat, een gebouw met een karakteristieke torenspits uit 1906. De EBG kerk is een overwegend creoolse kerk. De grote stadskerk, de Mama Kirki staat in de Steenbakkerijstraat.
De voorganger was een creoolse mevrouw met een zwart mantelpak en een dito hoed, wel even wennen.
Maandag: hebben we de historisch plantagetocht gemaakt met de Sweet Merodia. Dat was een boottocht over de Crommewijne en Suriname rivier, waar tijdens het varen over de geschiedenis van de plantages werd verteld. Met een stop op de plantages om de resten van een vaak aangrijpend verleden van dichtbij te zien. Stichting Merodia, waarvan de boot is, is opgericht door de schrijfster Cythia McLeod, met als doel mogelijkheden te creƫren om de Surinaamse jongeren op een prettige manier hun eigen land te leren kennen.
Dinsdag: onze laatste dag in Suriname vertrekken we om 19.00 uur locale tijd om Woensdag ochtend 9.00 uur Nederlandse tijd hopelijk weer veilig te landen in Nederland.

Lieve Zus en Zwager, hartelijk dank dat we een paar weken mochten meegenieten van jullie Surinaamse avonturen. Jullie waren een geweldige gastvrouw en gastheer.We wensen jullie nog een fijne tijd in dit: WAN MOI SWITI KONDE
TANKI – TANKI - TANKI










Margeet

Geen opmerkingen: